Boeken voor in je koffer

Boeken voor in je koffer

Nog een paar dagen en dan reizen we met ons gezin naar Spanje. Onze oudste heeft sinds een tijdje ook een rijbewijs dus hij rijdt ook een deel van de route. Extra tijd voor mij om te lezen dus! Ik lees altijd al veel en in de vakantie nog iets meer.

Mijn stapeltje boeken heb ik al klaar liggen. Ik ga nog altijd voor het gedrukte boek. Een boek moet ik kunnen ruiken en voelen. Of ik alle boeken lees, weet ik niet. Het is geen wedstrijd. Misschien valt eentje tegen en leg ik die aan de kant. Maar dit jaar neem ik deze boeken mee.

Seringenmeisjes – Martha Hall Kelly

Over 3 sterke vrouwen. Kijk, dan wordt het al interessant. Drie verschillende vrouwen  en hun strijd  tijdens en na afloop van de Tweede Wereldoorlog. Gruwelijk en indrukwekkend.

Lees verder

3 maanden programma

3 maanden programma

Ik wil graag een inzicht met je delen.

Het is een verhaal over loslaten. En over luisteren naar je verlangen. En over gewoon maar gaan doen.

Het is best een lang verhaal. Vooral bedoeld leidinggevenden in de zorg. Dus als je dat niet bent, dan hoef je niet verder te lezen. Het mag wel natuurlijk. Of misschien ken je iemand die leidinggevende is in de zorg en voor wie dit misschien wel interessant is.

Nou ja, zie maar wat je doet.

Per juni ben ik gestopt als interim directeur van een zorgorganisatie. Echt een heule fijne organisatie en een prachtige club mensen. Ik heb heel veel mogen leren over het werken in de ouderenzorg.

Er was één maar. Iedere dag zat ik 2,5 tot 3 uur in de auto om naar het werk te gaan en dat was ik wel een beetje zat. Bovendien is een kenmerkend aspect van een interimmer (want dat is wat ik onder meer doe) dat hij/zij tijdelijk een klus doet en dan weer gaat. Ik vond het tijd worden om mijn reis te vervolgen.

Lees verder

Beter gaat het niet worden

Beter gaat het niet worden

We zaten in een huisje midden in het bos. Niks en niemand in de buurt, gewoon wij als gezin. Omdat ik jarig was, waren we een weekend weg. Onze 4 pubers wilden allemaal nog mee en alleen al dat gegeven vond ik pure rijkdom. Zij waren blij want de wifi bleek in dat eenzame bos vijf keer sneller te zijn dan thuis.

Ik had – logisch gezien het aantal verjaarjaren – een enorme bos rode (+ 1 witte) rozen gehad, een prachtige foto van de kinderen, veel knuffels en lol en een mooie tekening van onze creatieve zoon. Het weer was tropisch. En toen ’s middags onze dochter, die sinds kort op zangles zit, het aandurfde om voor ons een lied te zingen, dacht ik dat ik uit elkaar zou barsten van geluk. Beter dan dit gaat het niet worden. Dat intense gevoel heb ik nog dagen kunnen vasthouden.

Geluk is vaak zo dichtbij dat we er finaal langs heen kijken. En ik vroeg me af hoe vaak ik niet oplet als ik aan het werk ben. Hoe vaak heb ik tijdens mijn werk heel bewust gedacht: beter gaat het niet worden?

Hoe voel ik me eigenlijk als ik aan het werk ben? En is dat ook hoe ik me wil voelen?

Lees verder

Sodemieter op met je behandeladviezen!

Sodemieter op met je behandeladviezen!

Ik was op een verjaardagsfeestje. Eén van de gasten vertelde over zijn ouders die al behoorlijk op leeftijd waren. Onlangs waren ze naar een aanleunwoning verhuisd. Daar hadden ze het goed naar hun zin, maar ‘die zorgorganisaties – breek me de bek niet open’. Zei hij.

Ik vroeg hem wat hij bedoelde.

‘Ach, hou toch op. Pas ook weer. Komt daar een – vast goedbedoelende, maar wat heb je eraan? – ergotherapeut bij mijn ouders langs. Gaat zitten observeren hoe mijn ouders zitten te eten. Of nee, nee, eerst moet er natuurlijk een intake worden gedaan. En dan later weer een keer terugkomen om te gaan zitten observeren. Wat een firma list en bedrog!’

Hij werd steeds pissiger.

Lees verder

Casemanagers Dementie

 

 

 

 

 

 

Sinds een tijdje begeleid ik een project rondom casemanagement dementie en heb ik het geluk om wekelijks met specialistische casemanagers dementie te spreken. Ik ervaar deze gesprekken als heel waardevol omdat de casemanagers iedere keer opnieuw met indrukwekkende verhalen komen over hun huisbezoeken bij mensen waar de diagnose dementie is gesteld.

Deze week vertelde een casemanager over haar initiatief om een partnergespreksgroep in haar werkgebied te starten. Bedoeld voor de partners van mensen die op jonge leeftijd dementie krijgen. Vorige week was de eerste bijeenkomst. Er waren 7 partners aanwezig die elkaar tot dat moment niet kenden.

Na de bijeenkomst was er een gezamenlijke WhatsApp-groep. Telefoonnummers en adressen werden uitgewisseld. Er werden afspraken gemaakt wie de volgende keer wie zou ophalen om naar de partnergespreksgroep te gaan. Wat een prachtige verbindingen werden er in korte tijd gemaakt en wat een krachtige steunstructuur werd daar neergezet.

En het allermooiste resultaat is dat deze partners voelen en zien dat ze er niet alleen voor staan. Een gevoel wat ze tot dan toe vrijwel allemaal wel hadden. Hoe waardevol!

Lees verder

Hulde aan de GGZ

 

 

 

 

 

 

Deze week heeft onze dochter van 15 afscheid genomen van haar therapiegroep bij de GGZ. Zeven maanden lang ging ze twee middagen en een avond per week naar deze groep. Ze heeft een eetstoornis.

Als je dochter zichzelf veel te dik vindt  (is ze zeer zeker niet), niet mooi (ze is prachtig en dat zeg ik niet alleen omdat ik haar moeder ben) en haar eetstoornis vertelt haar keer op keer dat ze het wéér niet goed heeft gedaan dan heeft dat natuurlijk impact.

Allereerst op onze dochter. Maar ook op ons als gezin. En uiteraard zijn we er voor haar waar mogelijk en voor zover in ons vermogen ligt. Maar wij zijn geen professionals en al helemaal niet haar therapeut. Wij zijn er om haar te knuffelen, naar haar te luisteren en haar veiligheid te bieden.

Die professionele hulp hebben we ervaren bij de GGZ. Ik zal eerlijk zeggen: toen de therapeut vorig jaar zomer vertelde dat onze dochter een ernstige eetstoornis had, dacht ik dat ze knettergek was geworden. Onze dochter? No way!

Lees verder

‘Doet ze ’t veur hun zelf of doet ze ’t veur oe?’

 

 

 

 

 

 

 

 

Een nieuwe definitie van patiënttevredenheid.

We waren op bezoek bij mijn schoonouders. Opa Frans en Oma Cato voor onze kinderen.

Opa Frans was namelijk jarig, hij was 85 jaar geworden. Een respectabele leeftijd. Bovendien is hij nu weer net zo oud als zijn vrouw, Oma Cato.

Samen hebben ze een heftig jaar achter de rug. Na de diagnose darmkanker bij Oma Cato en de daarbij behorende behandeling was ze nog maar amper bijgekomen van de operatie toen duidelijk werd dat Opa Frans óók darmkanker had. Zijn behandeltraject had heel wat meer voeten in aarde en het is bij momenten kantje boord geweest.

Lees verder

Wat je leert van een brand

 

 

 

 

 

 

 

De afgelopen week hadden we thuis een schoorsteenbrand. Ik verzeker je: leuk is anders. Maar ook: intens dankbaar want het is goed afgelopen.

Binnen 5 minuten stonden we met z’n allen buiten te kijken hoe de brandweer professioneel en vastberaden ons huis in bezit nam.

Die seconden waarin je tot in je tenen beseft dat het misschien wel eens heel erg mis kan gaan. Tegelijkertijd moet je handelen. Doen. Dóór.

Het leverde me een aantal inzichten op.

Als gezin moesten we binnen luttele  seconden als een heus team samenwerken. Misschien weten jullie het nog uit een vorig artikel van mij; we hebben 4 pubers. Met die categorie mensheid is samenwerken best een uitdaging. Ik zag tijdens onze calamiteit een aantal rollen voorbij komen die ik als leidinggevende ook met regelmaat zie.

De aanpakker was nadrukkelijk aanwezig. Onze oudste belde 112, keek tijdens het bellen nog een keer naar de schoorsteen en maande de brandweer om NU METEEN te komen. Ik wist niet dat de brandweer zo snel ter plaatse kon zijn.

Lees verder

Ik heb 4 pubers. Mij maak je niks wijs.

Thuis leef ik onder één dak met man en 4 (lees: vier) pubers. Die pubers zijn respectievelijk 18, 17, 15 en 13 (bijna 14) jaren jong. Samen met mijn betere helft doe ik pogingen om… ja, om wat eigenlijk?

In mijn werkzame leven hou ik me voornamelijk bezig met behandelaren. Medici, paramedici, therapeuten…kortom: (behandel)professionals. Waar je geen leiding aan zou moeten geven. Toch doe ik soms een poging. Of ik coach ze. Of geef ze trainingen.

Vaak voelt het bij zowel pubers als professionals alsof ze een soort gedoogbeleid toepassen. Je bent er nu eenmaal, dus soit –  maar val ons niet teveel lastig. Alleen als er iets is wat we heul graag willen, dan kom ik in beeld. En als er iets niet loopt zoals gedacht, dan ben ik een dankbare pispaal.

Kortom, of ik nu thuis ben of aan het werk – ik leef in een soort parallel universum. Puber of professional, ze beginnen beiden met een P. Ze zijn beiden stronteigenwijs, weten altijd alles beter en hebben altijd gelijk.

En ze zijn onwijs interessant, grappig en inspirerend.

“Nee, doe ik niet. Daarom niet. Gewoon, geen zin in”.

Of we bij de mentor willen komen. Wat nu weer? Jongste, 13 (ja, ja, bijna 14) was tijdens wiskunde maar een spelletje op de laptop gaan doen. “Ja nou mam, kan ik er wat aan doen? Die leraar geeft ook zo waardeloos les. Ik had gewoon geen zin meer om naar dat geleuter te luisteren”.

Had ik in mijn tijd tijdens wiskunde maar een laptop met spelletjes er op gehad. Maar ja, dat kan ik natuurlijk niet hardop zeggen. Dus knikken we inlevend tijdens het gesprek met de mentor en beloven we beterschap.

Lees verder

5 vragen om meer impact te hebben

Je werkt als arts, paramedicus, therapeut of anderszins als zorgprofessional. Dat doe je al een tijdje dwars door alle transities heen die gaande zijn in de zorg. Of de organisatie waarvoor je werkt reorganiseert, gaat reorganiseren of heeft gereorganiseerd; jij gaat onverdroten door.

Soms denk je: waar ging ik ook al weer voor? Wat is mijn concrete doel in mijn werkzame leven? Met andere woorden: waarvan ga jij aan, krijg je energie als je juist dàt mag doen en waar leg jij je ziel, hart & zakelijkheid in?

Door maar 5 vragen te beantwoorden, heb jij meteen scherp hoe jij meer impact kunt hebben in je werk.

Wel even echt er voor gaan zitten.

Doe daarom het volgende.
Pak pen en papier. Ga zitten, zet je telefoon en social media op stil.
Zet je voeten op de vloer en neem een moment om je lichaam te voelen en rust te nemen. Zet dan je pen op het papier en beantwoord de 5 vragen die ik voor jou heb geformuleerd.

Schrijf per vraag ongeveer 1 minuut en schrijf alles op wat er in je opkomt. Niet gaan doorstrepen, gewoon blijven schrijven. Ook al schrijf je voor jouw gevoel onzin op, niet stoppen met schrijven. Want door deze 5 vragen oprecht te beantwoorden, kun jij je leven veranderen.

Zit je er klaar voor? Dan komen hier de 5 vragen. Begin bij vraag 1 en doe als laatste vraag 5. 

 

Lees verder