Leiding geven is een vak

Leiding geven is een vak

Dat leiding geven een vak is, komt vaak naar voren tijdens mijn coachgesprekken met klanten. Het bleek afgelopen maandag ook weer tijdens de ManagersMastermind.Wanneer durf je er op te vertrouwen dat je team jouw koers vaart? Of je delegeert iets en krijgt vervolgens een halfbakken product opgeleverd. Wat doe je dan? Zelf oplossen? Nagelbijten? Uit je slot schieten?

Wat ik met vallen en opstaan inmiddels heb geleerd, is dat je niet IN je team moet gaan werken maar werk altijd AAN je team.

Anders sta je veel te vaak gewoon simpelweg in de weg. Je loopt je team voor de voeten. Want jij weet allang waar jij naar toe wilt, jij hebt dat plaatje wel helder. Maar dat beeld heeft je team niet zo scherp voor ogen. Dus ben jij te snel, te ongeduldig of te onduidelijk.

Dat geeft alles behalve teamspirit. En je team groeit er al helemaal niet van. Ga maar na:

Lees verder

Zo maak je de reis van je dromen

Zo maak je de reis van je dromen

Stel je het volgende voor.

Je hebt een bus en daar ga je mee op reis. Jouw plan is om met die bus naar alle plekken te rijden waar je van droomt. Jij stuurt, jij mag beslissen waar je naar toe gaat. Het zijn immers jouw dromen?

Je reist niet alleen, het is een grote bus dus je hebt passagiers meegenomen. Eén van de passagiers doet niets anders dan waarschuwen dat het willen bereiken van je dromen echt heel onverstandig is. Hij benoemt je grootste angsten, vreselijk. Hij gaat maar door. Je zou alles kunnen verliezen! Je neemt onverantwoorde risico’s!

Een andere passagier doet een groot beroep op jouw verantwoordelijkheidsgevoel. Blijf nou maar gewoon op de route die je navigatie aan geeft, wijk er niet vanaf. Je weet niet wat er dan gaat gebeuren. Het gaat toch goed zo, waarom moet je altijd anders en verder? Je hebt ook verplichtingen ten opzichte van de anderen, zij willen ook graag dat alles blijft zoals was afgesproken.

Lees verder

8 eigenschappen van de beste managers in de zorg

8 eigenschappen van de beste managers in de zorg

Werken als leidinggevende in een zorgorganisatie is een mooie en betekenisvolle functie. Het is niet altijd een gemakkelijke baan.

Veel zorgorganisaties rollen namelijk van het ene veranderproces in het andere. De overheid die een transitie afdwingt, de burger die over steeds meer zorgonderwerpen een mening heeft én geeft, een RvB met ambities. Zo zijn er allerlei redenen die maken dat veranderprocessen hoog op de prioriteitenlijst staan. Hoe zorg je in zulke uitdagende tijden dat je niet een middle-of-the-road maar de beste leidinggevende in jouw organisatie bent?

in mijn dagelijkse praktijk zie ik het volgende. Wil je de beste zijn, dan zijn volgende 8 eigenschappen buitengewoon behulpzaam.

1.Jouw team staat voor jou altijd onvoorwaardelijk op nummer één 

Eigenlijk houd je gewoon van je team en van alle teamleden individueel. Klinkt klef? Is het echt niet. Je laat je oordelen los, luistert, geeft aandacht, kijkt wat een ieder nodig heeft en geeft ruimte om te leren en te groeien. Je flikkert niks over de heg maar lost ook niet alles op voor ze. Je wilt echt hun leidinggevende zijn, je bent niet hun leidinggevende omdat je doelbewust je loopbaan zo hebt uitgestippeld dat je binnenkort kunt solliciteren naar een nog beter betaalde functie.

2. Je begrijpt dat vernieuwend leiderschap nodig is

Je hebt een duidelijke visie op wie jij als leidinggevende wilt zijn. Waar je voor staat en waar je voor gaat. Waar het naar toe moer in de zorg. Je leeft voor waar je echt in gelooft en zit niet in een soort survivalmodus om zoveel mogelijk problemen te voorkomen. Je ziet dat de samenleving snel verandert en je doorziet welke invloed dit op je werk, de zorg en je team heeft. Tegelijkertijd weet je ook dat veel zorgorganisaties nog oude fundamenten kennen met een hiërarchische structuur en cultuur en dat het tijd vraagt van iedereen om hierop te anticiperen. Jij bent als geen ander de liefdevolle gids voor jouw teamleden zodat zij in deze tijd van transformatie hun weg weten te vinden.

Lees verder

Boeken voor in je koffer

Boeken voor in je koffer

Nog een paar dagen en dan reizen we met ons gezin naar Spanje. Onze oudste heeft sinds een tijdje ook een rijbewijs dus hij rijdt ook een deel van de route. Extra tijd voor mij om te lezen dus! Ik lees altijd al veel en in de vakantie nog iets meer.

Mijn stapeltje boeken heb ik al klaar liggen. Ik ga nog altijd voor het gedrukte boek. Een boek moet ik kunnen ruiken en voelen. Of ik alle boeken lees, weet ik niet. Het is geen wedstrijd. Misschien valt eentje tegen en leg ik die aan de kant. Maar dit jaar neem ik deze boeken mee.

Seringenmeisjes – Martha Hall Kelly

Over 3 sterke vrouwen. Kijk, dan wordt het al interessant. Drie verschillende vrouwen  en hun strijd  tijdens en na afloop van de Tweede Wereldoorlog. Gruwelijk en indrukwekkend.

Lees verder

3 maanden programma

3 maanden programma

Ik wil graag een inzicht met je delen.

Het is een verhaal over loslaten. En over luisteren naar je verlangen. En over gewoon maar gaan doen.

Het is best een lang verhaal. Vooral bedoeld leidinggevenden in de zorg. Dus als je dat niet bent, dan hoef je niet verder te lezen. Het mag wel natuurlijk. Of misschien ken je iemand die leidinggevende is in de zorg en voor wie dit misschien wel interessant is.

Nou ja, zie maar wat je doet.

Per juni ben ik gestopt als interim directeur van een zorgorganisatie. Echt een heule fijne organisatie en een prachtige club mensen. Ik heb heel veel mogen leren over het werken in de ouderenzorg.

Er was één maar. Iedere dag zat ik 2,5 tot 3 uur in de auto om naar het werk te gaan en dat was ik wel een beetje zat. Bovendien is een kenmerkend aspect van een interimmer (want dat is wat ik onder meer doe) dat hij/zij tijdelijk een klus doet en dan weer gaat. Ik vond het tijd worden om mijn reis te vervolgen.

Lees verder

Beter gaat het niet worden

Beter gaat het niet worden

We zaten in een huisje midden in het bos. Niks en niemand in de buurt, gewoon wij als gezin. Omdat ik jarig was, waren we een weekend weg. Onze 4 pubers wilden allemaal nog mee en alleen al dat gegeven vond ik pure rijkdom. Zij waren blij want de wifi bleek in dat eenzame bos vijf keer sneller te zijn dan thuis.

Ik had – logisch gezien het aantal verjaarjaren – een enorme bos rode (+ 1 witte) rozen gehad, een prachtige foto van de kinderen, veel knuffels en lol en een mooie tekening van onze creatieve zoon. Het weer was tropisch. En toen ’s middags onze dochter, die sinds kort op zangles zit, het aandurfde om voor ons een lied te zingen, dacht ik dat ik uit elkaar zou barsten van geluk. Beter dan dit gaat het niet worden. Dat intense gevoel heb ik nog dagen kunnen vasthouden.

Geluk is vaak zo dichtbij dat we er finaal langs heen kijken. En ik vroeg me af hoe vaak ik niet oplet als ik aan het werk ben. Hoe vaak heb ik tijdens mijn werk heel bewust gedacht: beter gaat het niet worden?

Hoe voel ik me eigenlijk als ik aan het werk ben? En is dat ook hoe ik me wil voelen?

Lees verder

Sodemieter op met je behandeladviezen!

Sodemieter op met je behandeladviezen!

Ik was op een verjaardagsfeestje. Eén van de gasten vertelde over zijn ouders die al behoorlijk op leeftijd waren. Onlangs waren ze naar een aanleunwoning verhuisd. Daar hadden ze het goed naar hun zin, maar ‘die zorgorganisaties – breek me de bek niet open’. Zei hij.

Ik vroeg hem wat hij bedoelde.

‘Ach, hou toch op. Pas ook weer. Komt daar een – vast goedbedoelende, maar wat heb je eraan? – ergotherapeut bij mijn ouders langs. Gaat zitten observeren hoe mijn ouders zitten te eten. Of nee, nee, eerst moet er natuurlijk een intake worden gedaan. En dan later weer een keer terugkomen om te gaan zitten observeren. Wat een firma list en bedrog!’

Hij werd steeds pissiger.

Lees verder

Casemanagers Dementie

 

 

 

 

 

 

Sinds een tijdje begeleid ik een project rondom casemanagement dementie en heb ik het geluk om wekelijks met specialistische casemanagers dementie te spreken. Ik ervaar deze gesprekken als heel waardevol omdat de casemanagers iedere keer opnieuw met indrukwekkende verhalen komen over hun huisbezoeken bij mensen waar de diagnose dementie is gesteld.

Deze week vertelde een casemanager over haar initiatief om een partnergespreksgroep in haar werkgebied te starten. Bedoeld voor de partners van mensen die op jonge leeftijd dementie krijgen. Vorige week was de eerste bijeenkomst. Er waren 7 partners aanwezig die elkaar tot dat moment niet kenden.

Na de bijeenkomst was er een gezamenlijke WhatsApp-groep. Telefoonnummers en adressen werden uitgewisseld. Er werden afspraken gemaakt wie de volgende keer wie zou ophalen om naar de partnergespreksgroep te gaan. Wat een prachtige verbindingen werden er in korte tijd gemaakt en wat een krachtige steunstructuur werd daar neergezet.

En het allermooiste resultaat is dat deze partners voelen en zien dat ze er niet alleen voor staan. Een gevoel wat ze tot dan toe vrijwel allemaal wel hadden. Hoe waardevol!

Lees verder

Hulde aan de GGZ

 

 

 

 

 

 

Deze week heeft onze dochter van 15 afscheid genomen van haar therapiegroep bij de GGZ. Zeven maanden lang ging ze twee middagen en een avond per week naar deze groep. Ze heeft een eetstoornis.

Als je dochter zichzelf veel te dik vindt  (is ze zeer zeker niet), niet mooi (ze is prachtig en dat zeg ik niet alleen omdat ik haar moeder ben) en haar eetstoornis vertelt haar keer op keer dat ze het wéér niet goed heeft gedaan dan heeft dat natuurlijk impact.

Allereerst op onze dochter. Maar ook op ons als gezin. En uiteraard zijn we er voor haar waar mogelijk en voor zover in ons vermogen ligt. Maar wij zijn geen professionals en al helemaal niet haar therapeut. Wij zijn er om haar te knuffelen, naar haar te luisteren en haar veiligheid te bieden.

Die professionele hulp hebben we ervaren bij de GGZ. Ik zal eerlijk zeggen: toen de therapeut vorig jaar zomer vertelde dat onze dochter een ernstige eetstoornis had, dacht ik dat ze knettergek was geworden. Onze dochter? No way!

Lees verder

‘Doet ze ’t veur hun zelf of doet ze ’t veur oe?’

 

 

 

 

 

 

 

 

Een nieuwe definitie van patiënttevredenheid.

We waren op bezoek bij mijn schoonouders. Opa Frans en Oma Cato voor onze kinderen.

Opa Frans was namelijk jarig, hij was 85 jaar geworden. Een respectabele leeftijd. Bovendien is hij nu weer net zo oud als zijn vrouw, Oma Cato.

Samen hebben ze een heftig jaar achter de rug. Na de diagnose darmkanker bij Oma Cato en de daarbij behorende behandeling was ze nog maar amper bijgekomen van de operatie toen duidelijk werd dat Opa Frans óók darmkanker had. Zijn behandeltraject had heel wat meer voeten in aarde en het is bij momenten kantje boord geweest.

Lees verder